Bergeijk staat voor velen nog niet bekend als Rietveld-gemeente. Hier ontwierp Gerrit Rietveld in de jaren vijftig meerdere unieke objecten: een klok, een abri, woonhuizen en zijn enige industriële werk: Weverij De Ploeg.

De fabriek is een architectonische parel op gebied van licht, lucht en ruimtelijkheid. Halfronde sheddaken, grote glasgevels en open fabriekshallen karakteriseren het gebouw. Iconisch is de zaagtandgevel met diagonaal kleurenpatroon; een speelse verwijzing naar de Stijl-beweging. De directie van De Ploeg - beroemd vanwege haar Ploegstoffen - vond het belangrijk dat de arbeiders in een groene omgeving konden werken en recreëren. Tuinarchitecte Mien Ruys - waarmee Rietveld veel samenwerkte - ontwierp een 12 ha groot landschapspark rond de fabriek. Zo ontstond een markant industrieel complex in het groen. Het park is uitgeroepen tot één van de belangrijkste buitenruimtelijke monumenten uit de tijd van het Nieuwe Bouwen.

Nadat De Ploeg in 2007 haar productie naar elders verplaatste, kwam het gebouw leeg te staan. De fabriek met omliggend park is inmiddels een rijksmonument en is na omvangrijke restauratie de nieuwe bedrijfslocatie van Bruns, wereldspeler op het gebied van museale tentoonstellingen en science centra. Deze invulling plaatst het complex, de gebruiker én Bergeijk in internationaal perspectief. De Ploeg als hét Brabantse icoon van de Stijl-beweging.

Behalve voor fabriek en park waren Gerrit Rietveld en Mien Ruys ook verantwoordelijk voor enkele bungalows, (school)tuinen, plantsoenen, een straatklok en abri. Een plan voor 32 eengezinswoningen bleef liggen.

Het was meubelontwerper Martin Visser die in 1954 Gerrit Rietveld naar Bergeijk wist te halen, nadat Visser door Weverij De Ploeg was gevraagd om de meubelafdeling ’t Spectrum te gaan leiden. Rietveld ontwierp een huis voor Visser, die in Bergeijk inmiddels een stukje grond had gekocht. Piet Blijenburg, de directeur van Weverij De Ploeg, was zich op dat moment aan het oriënteren op een architect voor de nieuw te bouwen fabriek. Hij wachtte af hoe woonhuis Visser werd, was tevreden en gaf toen opdracht aan Rietveld om de fabriek vorm te geven.

Voorafgaand aan het ontwerp maakte Rietveld met de directie van De Ploeg en uitvoerend ingenieur Beltman een studiereis naar Zwitserland en Italië. Geïnspireerd door de moderne fabrieksbouw in die landen ontwierp Rietveld een gebouw met allerlei technologische vernieuwingen. Als overkapping koos hij bijvoorbeeld voor gewelfde sheddaken met grote thermopane ramen, zodat er veel licht de fabriek kon binnenstromen. Dit principe had bovendien als voordeel dat er weinig draagpunten nodig waren om een grote ruimte te overspannen. Wie een rondgang langs het exterieur maakt, treft op de schuifdeur aan de westgevel een reeks diagonale kleurvlakken aan. Het patroon in rode, blauwe, zwarte en witte vlakken loopt naadloos over in het repeterende grid van de gevel en verwijst naar het kleurgebruik van De Stijl. Ook op de deur van het garenmagazijn aan de zuidzijde is een vlakverdeling aangebracht, maar dan in een rechthoekig patroon van groene, blauwe en witte vlakken.

Wie dezelfde decoratie aan de oostgevel verwacht, komt bedrogen uit. Die gevel is namelijk nooit voltooid. Tijdens de bouw bleek de fabriek aan de grote kant en werd besloten de afwerking naar voren te schuiven, wat uiteindelijk tot afstel leidde. Wel ontwierp Rietveld een tijdelijke vrijstaande hoofdingang uit staal.

Met de fabriek voor De Ploeg kwam ook Mien Ruys naar Bergeijk. Rietveld en Ruys deelden elkaars sympathieën en waren aanhangers van de vernieuwingsbewegingen De 8 en Opbouw. Met de opdracht voor De Ploeg in 1954 begon een nieuw gezamenlijk avontuur.

Hans Veldhoen, die samen met Anet Scholma het huidige Buro Mien Ruys leidt, herinnert zich in dit verband een anekdote over Ruys en Rietveld: ‘Ze zouden samen naar het terrein in Bergeijk gaan kijken. Rietveld liet Mien Ruys zien waar hij de fabriek gepland had. Maar Mien zei tegen Gerrit dat hij dat niet op die plek moest doen, want dat was een verdiept stuk grond. Het gebouw zou wel eens kunnen verzakken, waarop zij hem een hogere en betere plek aanwees. En daar werd uiteindelijk de fabriek gebouwd.’

Ruys was zo onder de indruk van de roggevelden, de dennenbossen en het reliëf in het terrein dat ze het perceel het liefst intact had willen laten. Directeur Piet Blijenburg gaf echter naar Engels voorbeeld de voorkeur aan een landschapstuin. En zo geschiedde: de fabriek kreeg een tuin van 120.000 vierkante meter, waarvan een derde bestond uit loof- en dennenbos met wandelpaden.

1956 was een druk jaar voor Mien Ruys in Bergeijk, want ze werd gevraagd om de tuinen van drie lagere scholen te ontwerpen, vermoedelijk in het kader van een overheidsregeling die nieuwe scholen verplichtte om een gerenommeerde tuinarchitect in de arm te nemen. Tevens kreeg ze samen met Rietveld de opdracht het huis te ontwerpen voor Roelof Van Daalen, mede-directeur van De Ploeg en 't Spectrum.

Van Daalen beschikte over een uitgestrekt terrein aan de bosrand, vlakbij De Ploeg. Rietveld verkende het gebied met Mien Ruys. Hij ontwierp vervolgens de woning, Mien Ruys de tuin. Met vijf slaapkamers, een logeerkamer, kinderkamer, studeerkamer en L-vormige living blijkt de split-level bungalow op maat gemaakt voor de ouders en hun vier kinderen. Het is bovendien een flinke slag groter dan dat van Visser uit 1955 – een compacte woning waarvoor Aldo van Eyck vanaf 1968 enkele uitbreidingen ontwierp.

Na de dood van Roelof van Daalen in 1993, bleef het huis in de familie als weekendhuis nadat mevrouw Van Daalen naar Amsterdam was verhuisd. Het huis is nog in verrassend ongeschonden staat. Menig bewoner zal de neiging hebben het interieur aan de tijd aan te passen. De familie van Daalen echter niet en dat betekent dat de inrichting volledig authentiek is.

Wie vanaf de Eerselsedijk Bergeijk binnenrijdt en links aanhoudt, vindt vanzelf de Rietveldklok, een stalen staander met viervoudig uurwerk. Het strakke zwartwitte lijnenspel is terug te vinden in diverse meubels en gebouwen van de hand van de ontwerper.

De klok werd in 1963 door Stichting Werkgemeenschappen Bergeijk aan De Ploeg geschonken ter gelegenheid van het veertigjarig bestaan van de weverij. Het maakt onderdeel uit van een serie straatmeubilair, waartoe ook een bushokje en enkele – verloren gegane – bankjes behoorden.

Tuinarchitecte Mien Ruys ontwierp in datzelfde jaar een plantenterras bij de klok. Rond het uurwerk groepeerde zij tien vierkante borders met een afwisseling van strakke blokken geschoren groen, in een scherp contrast met uitbundig gebruik van vaste planten. Elk vak is afgebakend door spoorbielzen, een kenmerkend stijlelement van ‘Bielzen Mien’.

In 1964 ontving Gerrrit Rietveld op 76-jarige leeftijd een Eredoctoraat in Delft. Zie bijgaand filmpje

met dank aan www.openbeelden.nl

Wie met het openbaar vervoer naar Bergeijk komt, stapt al uit bij een Rietveld-object: de abri, die Rietveld in 1963 in opdracht van De Ploeg ontwierp.

Blauwgeglazuurde stenen en rood met gele vensters kleuren het ontwerp dat aan de vorm van een bus lijkt te zijn ontleend.

(Bron: Edwin van Onna, Stg. Rietveld & Ruys)

Beleef Rietveld in Bergeijk met onze arrangementen

Rietveldwandelroute

Ontdek de ontwerpen van Gerrit Rietveld en Mien Ruys, met de 'Wandel in Bergeijk App' of met de wandelroute op papier. Download de app in de Play Store of App Store. 

Meer over de wandelroute

 
 

Bezoekerscentrum de Ploeg

Het bezoekerscentrum van De Ploeg (Riethovensedijk 20, in het pand van Bruns) is geopend op werkdagen tussen 10 en 16 uur.

Alles over de Ploeg

Rietveldsafari

Gaat u mee op safari? We gaan een heuse ondekkingstocht maken langs de ontwerpen van zowel Gerrit Rietveld als Mien Ruys. Uiteraard brengen we ook een bezoek aan het bezoekerscentrum van De Ploeg.

Naar de safari